‘Ik spreek ook voor hen die hun verhaal niet verteld krijgen’

Klapstoel
Ahmad Ahmadyar
Student en auteur

Vlak voor zijn negende verjaardag vluchtte Ahmad Ahmadyar met zijn vader uit Afghanistan. Hij doorkruiste het Midden-Oosten in overvolle wagens van mensensmokkelaars, sliep in een lekke boot op zee, belandde in Europa meermaals in de cel en zag soms dagenlang geen zonlicht. Zijn vluchtverhaal deelde hij in het boek Ik ben Ahmad.

Prachtige rode sportschoenen kreeg Ahmad Ahmadyar (21) in 2009 van zijn moeder. Hij wist niet dat hij op vertrekken stond, besefte pas waarom hij de schoenen eigenlijk kreeg toen hij, luttele weken later, urenlang door de bergen stapte om de grens tussen Iran en Turkije over te steken. De sneakers bleven uiteindelijk achter in een bos in Servië, zompig en versleten, de jongen en zijn gezin konden in West-Vlaanderen beginnen aan een nieuw hoofdstuk.

Ahmad Ahmadyar: „Ik zou niet graag in de schoenen staan van hen die het asielbeleid moeten uittekenen.” © Kurt Desplenter
Ahmad Ahmadyar: „Ik zou niet graag in de schoenen staan van hen die het asielbeleid moeten uittekenen.” © Kurt Desplenter

– Wat motiveerde u om uw vluchtverhaal neer te pennen?
Dat was een stap met een lange aanloop. Toen ik in 2012 in een OKAN-klas zat, kreeg ik de kans mee te spelen in een theatervoorstelling. Daarvoor maakten we een video over een deel van onze vlucht. Jaren later zat ik in het vierde middelbaar en vroeg de directeur of hij die video mocht vertonen in het kader van de deelname aan De Strafste School. Hij paste perfect in het thema, Grenzen verleggen. Ik vond dat moeilijk en stribbelde tegen, tot ik toch instemde en de trein vertrok. Een andere school vroeg me een lezing te geven en het trof me hoe verrast de leerlingen waren door mijn verhaal. Tijdens de lange zomervakantie na mijn afstuderen besliste ik daarom te proberen het helemaal uit te schrijven en er bleken mensen bereid het te helpen uitgeven.
– Wat wilt u bereiken met ‘Ik ben Ahmad’?
Ik wil het thema vluchtelingen bespreekbaar maken bij jongeren en studenten, op scholen en universiteiten. Het negatieve beeld van vluchtelingen en migranten dat veel mensen hebben, komt onder meer door een gebrekkige kennis. Ik wil die informatie graag aanbieden, zeker omdat ik weet dat lang niet alle vluchtelingen makkelijk praten over hun verleden. Ik spreek ook voor hen die niet verteld krijgen wat hen is overkomen.
– U beschrijft de herinneringen aan de vlucht als miljoenen beveiligde gigabytes op de USB-stick van uw geheugen. Zijn ze scherper en gedetailleerder dan wat je onthoudt van wat voordien en nadien gebeurde?
Dat zijn ze wel, al moet ik toegeven dat ik over het algemeen een goed langetermijngeheugen heb. Ik verbaas mijn moeder geregeld met spontane, gedetail- leerde herinneringen van toen ik drie jaar oud was. Alleen jammer dat die kwaliteit zich per definitie niet meer laat gelden wanneer er een examen voor je neus ligt.
– Wat zou u vanuit uw ervaring veranderen aan het asiel- en migratiebeleid?
Ik kwam uiteraard al tien jaar geleden in België aan en ik weet niet hoe het beleid intussen veranderde, maar het moeilijkste „Dit is niet het verhaal van een overlever. Het is er gewoon een over leven” was toen mensen voortdurend werden verplaatst. Wij kregen aanvankelijk onderdak in Sint-Niklaas, vervolgens in Brussel, Kapellen en Mechelen, zonder enige zekerheid over wat zou volgen en hoelang het nog zou duren voor er een antwoord kwam op onze asielaanvraag. Door mijn stages de voorbije jaren begrijp ik nu wel waarom het niet sneller kan, maar het wachten was wel slopend. In grote lijnen ben ik echter gelukkig met hoe België ons ontving. En ik zou niet graag in de schoenen staan van de politici die het asielbeleid moeten uittekenen.

– Ziet u zichzelf ooit nog een boek schrijven?
Ik zeg nooit nooit, maar het maakt geen deel uit van mijn toekomstplannen. Ik rondde in juni mijn bachelor maatschappelijke veiligheid af en start nu met een schakelprogramma criminologie. Een job waarbij ik me engageer voor de veiligheid van anderen, trekt me tot nu toe het meest aan. Ik besprak al eens met een docent psychologie of dat iets te maken zou hebben met de, vaak negatieve, ervaringen die ik als jong kind had met politie en andere ordediensten in verscheidene landen. Het zou kunnen, maar het is niet zeker.
Naast het studeren, besliste ik wel om me nog zeker een jaar beschikbaar te stellen om lezingen te geven in scholen. Ik hoop echt dat ze impact hebben.
– Welke boodschap zou u geven aan een jongen van tien die vandaag belandt in de situaties die u beschrijft?
Dat hij moet volhouden, dat er betere tijden wachten. Maar dat is mijn boodschap voor iedereen, want iedereen stoot in de loop van het leven op tegenslagen en heeft dan moed nodig en hoop. In die zin benadruk ik ook graag wat Gie Goris in het nawoord schreef. Ik ben Ahmad is geen slachtofferrelaas of een verhaal van een overlever, het is een boek over leven. Het is een boek dat mensen wil aanzetten eerst te trachten elkaar te begrijpen alvorens ze zich vooroordelen laten inprenten door willekeurige verhalen op sociale media. Ik weet niet of we de wereld op dat vlak kunnen veranderen, maar ik wil in elk geval geprobeerd hebben mijn steentje bij te dragen.

Lees meteen verder

Ik ben nog geen abonnee

Krijg 1 maand toegang
voor €5
OF

Word abonnee
voor €18
tot eind 2022

Registreer je hier