Beproeving

Standpunt

Een kleine vier jaar geleden werd in Vlaanderen en Nederland een nieuwe versie van het Onzevader ingevoerd. ‘Nieuw’ is eigenlijk overdreven. Er werden enkele verschillen weggewerkt en de tekst werd her en der bijgeschaafd. De belangrijkste verandering was de vervanging van „leid ons niet in bekoring” door „breng ons niet in beproeving”. Los van alle discussies daarover, gebruiken we nu dus een term die door en door joods-christelijk is. Het begrip ‘beproeving’ zit diep in de Bijbel verankerd, zowel in het Oude als het Nieuwe Testament.
In het Oude Testament zijn de beproevingen vaak episch van aard. Bijbelse figuren worstelen er met spectaculaire kwellingen, waarna ze gelouterd door het leven gaan. Het begint al bij Abraham, die van tragedie naar tragedie wandelt. De ultieme uitsmijter is het goddelijke verzoek om zijn enige zoon te offeren, al wordt die opdracht op het laatste moment herroepen. Of wat te denken van Jona, die door een vis wordt opgeslokt, van Job, die straatarm en ziek wordt, of van Mozes, die veertig jaar door de woestijn doolt.
Ook het Nieuwe Testament serveert een ruime portie beproevingen, in de eerste plaats voor Jezus. Denk maar aan de verzoekingen door de duivel in de woestijn, of natuurlijk aan de kruisdood. Ook de leerlingen kennen hun portie miserie, soms met de dood tot gevolg. Het pad van de Bijbelse figuren gaat niet over rozen, zoveel is zeker.
En wij? Hoe zit het met onze beproevingen? Daarover hoeven we niet lang na te denken. Ieder van ons kan moeiteloos verhalen opdissen over tegenslagen, kwellingen, ontberingen of ander onheil. Vandaag worden we extra hard getroffen. Het coronavirus, dat ons in het voorjaar al teisterde, laait opnieuw op. Andermaal bouwt het virus muren tussen mensen, zaait het angst in onze harten, snijdt het Hoe hard we ook worden geraakt, onze Vader is er, hoort ons, kent ons, begrijpt ons, troost ons diep in onze levenswandel. Was één beproeving niet genoeg? Moeten we alles nog eens doormaken?
Wanneer houdt het eindelijk op? Die vraag is niet te beantwoorden. Laten we dus liever onze energie steken in een andere vraag: hoe gaan we om met deze beproeving? De vraag stellen is makkelijker dan ze te beantwoorden.
Vooreerst dit. De hedendaagse christelijke visie op beproeving is duidelijk veranderd. We zien God niet langer als Iemand die ons moedwillig allerlei beproevingen voor de voeten gooit om ons te testen. De wereld – de schepping in christelijk jargon – zit vol mooie dingen, maar ook vol tegenslagen. God zit niet achter een computer om ons ziek, eenzaam of verdrietig te maken, zoals in de film Le Tout Nouveau Testament van de Belgische regisseur Jaco Van Dormael. Als ik straks over een stoeptegel struikel, is dat niet omdat God dat wil, maar omdat die tegel toevallig loslag.
We zien God vandaag eerder als een vader (of moeder) die het beste wil voor zijn kinderen, maar hen ook de vrijheid geeft hun leven te leiden. Een ouder die van ons verlangt dat we niet elk onze eigen gang gaan, maar elkaar steunen in moeilijke tijden. Hij is permanent aanwezig, niet door elk detail te regelen, maar doordat we bij Hem terechtkunnen en doordat Hij in elk van ons werkzaam is.
Zo kunnen we ook vandaag omgaan met de beproeving van het coronavirus. Hoe hard we ook worden geraakt, onze Vader is er, hoort ons, kent ons, begrijpt ons, troost ons. Hij verlangt van ons dat we in deze tijd meer dan ooit elkaars broer of zus zijn. Zo blijven we een kerkgemeenschap in alle omstandigheden, zo blijven we medemensen die naastenliefde groter maken dan de zwaarste beproeving.
Beproevingen zijn geen straffen. Ze zijn kansen om te bewijzen dat we echt volgelingen van Christus willen zijn.

Lees meteen verder

Ik ben nog geen abonnee

Krijg 1 maand toegang
voor €5
OF

Word abonnee
voor €15
tot eind 2020

Registreer je hier