‘Verwondering maakt oude mensen jong en de geest soepel’

Klapstoel
Luc Van Hilst
Pastoor in Scherpenheuvel

Op 1 september wordt hij deken van de pastorale regio Tienen, een van de vier regio’s die vanaf dan de huidige vijftien dekenaten van het vicariaat Vlaams-Brabant vervangen. Luc Van Hilst (52) blijft echter wonen in Scherpenheuvel en is niet van plan om zijn engagement daar na 24 jaar terug te draaien. „Ik neem mijn nieuwe taak net op vanuit de kracht die ik hier ontvang.”

De oprichting van de vier pastorale regio’s, met elk hun deken en verantwoordelijken voor gemeenschapsopbouw, vorming en jeugd, vindt Luc Van Hilst „een moedige keuze”. „En dat is ruim voldoende om gul op de uitdaging in te gaan”, zegt hij. „Het zal geen wondermiddel zijn en wij zullen geen wondermensen blijken, maar het is mooi dat we blijheid mogen proberen te brengen waar vermoeidheid heerst.”

Luc Van Hilst: „Volksgeloof leunt niet aan bij bijgeloof. Voor mij komt het zelfs recht uit de Bijbel.” © Jeroen Danckers
Luc Van Hilst: „Volksgeloof leunt niet aan bij bijgeloof. Voor mij komt het zelfs recht uit de Bijbel.” © Jeroen Danckers

– Wat betekende Scherpenheuvel voor u vóór u er 24 jaar geleden onderpastoor werd?
„Je kunt er Scherpenheuvel in zien liggen”, werd er in mijn familie gezegd wanneer de koffie te slap was. Vroeger waren er kopjes met een afbeelding van de basiliek op de bodem en mijn familie was al vele generaties vertrouwd met het bedevaartsoord. Zelf kwam ik er als zeventien- en achttienjarige, toen ik met mijn roeping bezig was, geregeld op zondagnamiddag. In mijn eigen parochie in Tremelo was ik koster, organist, lector en misdienaar, maar wanneer ik wilde bidden, kwam ik naar de basiliek. Mijn verhaal loopt in die zin gelijk met dat van heel veel bezoekers. Dat je grootouders hier nog kaarsjes voor jou hebben gebrand, geeft de plek een grote vertrouwdheid. Ons Mariabeeld heeft het patina van generaties.
De plaats van Maria veranderde nooit wezenlijk voor mij. Ik weet meer, heb mogen studeren en heb ervaring met de butsen en de builen, het vallen en het opstaan van het geloofsleven, maar elke ochtend sta ik voor haar met de verwonderde blik van de bedevaarder die ik ooit was.
– Heeft de Kerk van de toekomst plekken zoals Scherpenheuvel nodig?
Die Kerk kan enkel gefundeerd zijn op Christus, zoals de Kerk van elke tijd, en dat vraagt een voortdurende bekering. Daarin kan Maria de rol spelen die ze al speelt sinds haar jawoord aan de engel Gabriël. Plekken zoals Scherpenheuvel, waar Maria waakt bij twijfel en wanhoop, zijn sterke plekken van bekering, waar ons eigen jawoord tot stand kan komen en onze roeping en zending worden versterkt. Ik stel ook vast dat volksgeloof opmerkelijk sterk is. „Het Rijk Gods ligt altijd voor ons. We kunnen het elke dag proeven”  Het geloof wordt niet doorgegeven door theologen, maar door ouders en grootouders, niet via grote woorden, maar via genegenheid en geloofwaardigheid. In de teksten die gelovigen hier achterlaten, lees ik haast letterlijk de kreten die mensen in het evangelie tot Jezus richten. „Maak dat ik zien kan.” Bovendien is dit bij uitstek een plek van verbondenheid. Mensen komen hier nooit alleen, ze dragen steeds anderen mee in hun hart. Mij hoor je dus nooit zeggen dat volksgeloof aanleunt bij bijgeloof. Er gaat net een sterke Bijbelse getuigenis van uit.
– Steekt het dat u, met uw nieuwe taak, de meimaand hier niet ten volle kunt beleven?
Dat kan ik wel. Deze plaats vraagt om een volle kracht. Er gaat een voortdurend appel van uit en in mij zit nog veel vuur voor Scherpenheuvel. Bovendien is die nieuwe taak niet vreemd aan wat ik hier doe. Als pastorale regioploeg moeten we ons afvragen wat er aanwezig is aan geloof, hoop en liefde en waar we moeten verkondigen en opnieuw beginnen vanuit het evangelie.
– Wil u dan eerder bezieler dan beheerder van de regio zijn?
Onze regioploeg bestaat uit vijf mensen die hun voelsprieten uitsteken, bij elkaar brengen wat ze aan honing vinden en ook de dorre plekken opsporen. De kracht van het project is dat we in dienst staan van de dynamiek die het Rijk Gods realiseert en niet moeten overeind houden wat ooit is geweest. De Kerk kan proberen een jongleur te zijn en alle borden in de lucht te houden, maar uiteindelijk vallen er altijd. Het is ook frustrerend om goed te weten dat we missionair moeten zijn, maar er niet aan toekomen doordat we gehinderd worden door wat er was. De vier regio’s zijn een instrument om de uitdaging van de nieuwe evangelisatie aan te gaan, met klassieke en nieuwe middelen en een kans om ons af te vragen wie we zichtbaar maken, Christus of onszelf.
– Wat zegt u tegen mensen die het moeilijk hebben met verandering?
Sommigen doen alsof het Rijk Gods achter ons ligt, maar het ligt altijd voor ons en we kunnen het elke dag proeven. Wanneer je je eraan geeft, zie je het gebeuren. Ik ben niet in de wieg gelegd om te restaureren. Ik wil het nieuwe zien en me erover verwonderen. Verwondering doet de mens immers openbloeien. Zoals wanneer een kind wordt geboren, maakt het oude mensen jong en onze geest soepel. Tegelijk moeten mensen die zich krampachtig vasthouden aan het oude, tijd krijgen. Het zijn geen koppigaards. Het zijn mensen die de Kerk altijd trouw zijn gebleven, die hun woord hebben gegeven en hun engagement ernstig nemen. Het is fout om mensen te bruuskeren. Uit zwaarte en droefheid spreekt echter weinig geloof. Ik koester de frisheid van het leerling zijn en van het leven van Gods liefde.

Lees meteen verder

Ik ben nog geen abonnee

Krijg 1 maand toegang
voor €5
OF

Word abonnee
voor €15
tot eind 2019

Registreer je hier