‘Jongeren hebben het recht om begeleid te worden’

Klapstoel
Jean Kockerols
Bisschop

Op de jongerensynode in oktober vertegenwoordigde mgr. Jean Kockerols, hulpbisschop voor het vicariaat Brussel, ons land in Rome. Deed het hem denken aan de jongere die hij ooit was? „Toen ik twintig was, wist ik niet wat ik wilde. Ik was zoekende”, zegt hij. „Het belangrijkste is dat jongeren blijven zoeken, niet denken dat ze alles gevonden hebben.”

De synode eindigde op zondag 28 oktober met een eucharistie. De bisschoppen verlieten nadien in stoet de Sint-Pietersbasiliek. „Ik zag al die ruggen voor me uit lopen en besefte dat de een meteen daarna naar New York zou vliegen, de andere naar Hongkong of Johannesburg”, zegt Jean Kockerols. Meer dan ooit ervoer hij aan den lijve wat een wereldkerk is, maar ook hoeveel meningen en contexten die Kerk probeert samen te brengen.

Mgr. Jean Kockerols: „Globalisering maakt de vraag welke eenheid we kunnen betrachten nog acuter.” © Bart Dewaele
Mgr. Jean Kockerols: „Globalisering maakt de vraag welke eenheid we kunnen betrachten nog acuter.” © Bart Dewaele

– Wat moeten we ons voorstellen bij een synode. Is het een forum voor originele ideeën?
Het Griekse woord synodos betekent samen op weg gaan. In het leiden en begeleiden van de universele Kerk staat de paus niet alleen. Hij vraagt en krijgt ook raad van de bisschoppen. Praktisch doet hij dat door om de twee of drie jaar een vertegenwoordiging uit te nodigen om het te hebben over een specifiek thema. Ik zou graag kunnen zeggen dat dat een gelegenheid is om originele gedachten te formuleren, maar dat is niet altijd het geval. Kardinaal Danneels verwoordde het ooit goed: „Een synode is een plaats van affectieve collegialiteit, maar niet meteen van effectieve collegialiteit.” Het samenkomen van bisschoppen uit de hele wereld is een krachtig, rijk en mooi gebeuren, maar echt samenwerken is nog iets anders.
– In uw tussenkomst pleitte u wel voor het priesterschap voor jonge gehuwden. Waarom?
Het was de vrucht van een aantal bedenkingen over roeping in het algemeen. Voor mij is het de Kerk die mensen roept om zich ten dienste te stellen. Voor het bisschopsambt is dat duidelijk. Niemand klopt bij de kardinaal aan om te zeggen dat hij zich geroepen voelt om bisschop te worden. De Kerk roept, na onderscheiding, een priester tot dit ambt. Ook diakens worden in de praktijk vaak allereerst door de plaatselijke gemeenschap of pastores aangesproken of gevraagd. Waarom geldt dat niet voor priesters? Als je het zo bekijkt, is de stap klein om gehuwde mannen, die praktiserend gelovig zijn en de Kerk goed kennen, tot het priesterschap te roepen.
De bisschoppen van België steunden mijn redenering en de paus nodigde ons uit om nederig, maar vrijuit te spreken en dat heb ik gedaan. Achteraf noemden sommige mensen me moedig, maar de gedachte is niet nieuw. Ze is al door velen geformuleerd, ook door bisschoppen, alleen nog nooit in het kader van een synode. De paus was tijdens mijn tussenkomst overigens niet aanwezig, maar ik overhandigde hem mijn tekst achteraf.
– Wat nam u van de synode mee naar huis?
Alle 350 deelnemers hadden recht op vier minuten spreektijd in de aula, ook de 34 aanwezige jongeren. „In de praktijk is het vaak de gemeenschap die diakens roept. Waarom geldt dat niet voor priesters?” In hun tussenkomsten trof me – overigens niet voor het eerst – dat jonge gelovigen recht op hun doel afgaan, op wat ze zoeken, hopen en verwachten, zonder zich te laten afremmen door praktische bedenkingen. Dat is deugddoend, want als bisschop heb ik de neiging om vooral na te denken over hoe we iets rondkrijgen en financieren.
Voor mij benadrukte de synode voorts dat jongeren het recht hebben om begeleid te worden. Dat is geen bijzaak. We moeten een formule zoeken om te verzekeren dat jongeren die dat wensen, terechtkunnen bij goede begeleiders en gemeenschappen. Hoe vormen we die? Het ging tijdens de synode onder meer over luisterbereidheid. Je moet inderdaad kwalitatief luisteren, net om beter te dialogeren.
– Moeten we na de synode nu hier aan de slag?
Na een synode moet je inderdaad lokaal aan het werk, maar wel op een synodale manier. Dat benadrukte paus Franciscus sterk. Het is een eenvoudig idee, dat soms moeilijk in de praktijk te brengen is: het gezag in de Kerk moet ten dienste van de gemeenschap staan en mag geen macht zijn. Beslissingen moeten daarom groeien en besproken en ontwikkeld worden met anderen. Aan de eigenlijke beslissing door een gezagdrager moet een gezamenlijke besluitvorming voorafgaan, zoals de paus een richtlijn zal schrijven op basis van het document waarover de synode stemde.
– Wat denkt u van dat slotdocument?
Aanvankelijk ontgoochelde het me. Ik had gedacht dat het dieper zou ingaan op bepaalde kwesties, maar er zit vooral alles en nog wat in verwerkt. Het was mijn eerste synode en pas nu besef ik dat de diversiteit in de Kerk het eigenlijk vrijwel onmogelijk maakt om precieze beslissingen te nemen. Katholiciteit is ‘één zijn in verscheidenheid’ en dat is, behalve een gave, een uitdaging. Dat is het sinds het prille begin van de Kerk, maar in een geglobaliseerde context is de vraag welke eenheid we kunnen betrachten nog acuter. Wat seksualiteit betreft is er bijvoorbeeld de universele moraal van de Kerk, maar worden vragen lokaal er verscheiden aangepakt. Hoe breng je dat alles samen? Daar moet de Heilige Geest zich mee bemoeien, anders krijgen we het niet klaar.

Lees meteen verder

Ik ben nog geen abonnee

Krijg 1 maand toegang
voor €5
OF

Word abonnee
voor €41
tot eind 2019

Registreer je hier