Zwarte God in Hoboken

Bisdom Antwerpen

In 1180 vinden enkele landbouwers in Hoboken, na een uitzonderlijk hoge waterstand, een kruisbeeld in een inham van de Schelde. Op zich niet zo verwonderlijk. Door de afwezigheid van dijken spoelen wel vaker kruisbeelden van begraafplaatsen of ondergelopen kerken aan op laagliggend land. Toch bouwen de boeren op de vindplaats een kapel om het meer dan anderhalve meter grote beeld te vereren.
„Vooral bij schippers was de kapel erg populair”, zegt Walter Vandeweyer. Hij is een van de organisatoren van de tentoonstelling die aan de devotie van het beeld van de zwarte God wordt gewijd. „De schippers behangen de muren van de kapel met touwen, kabels en kettingen die ze brachten om een behouden vaart af te smeken of om te bedanken voor een veilige thuiskomst.”

 

Walm van kaarsen

Het kruisbeeld kende een bewogen geschiedenis en verhuisde ettelijke keren van plaats. In 1566 ontsnapte het miraculeus aan de Beeldenstorm en in 1583 werd het veilig weggeborgen voor rondtrekkende geuzen. Het verhuisde vervolgens naar Antwerpen en keerde pas naar Hoboken terug nadat de inwoners in 1633 de bisschop van Antwerpen hadden gesmeekt het kruis terug te geven om er de strijd tegen de pest te kunnen mee aangaan.
„Intussen hadden kruis en Jezusbeeld een zwarte kleur gekregen”, vervolgt Walter Vandeweyer. „Waarschijnlijk door ouderdom en door de walm van de kaarsen die al eeuwenlang bij het beeld worden aangestoken. De pelgrims en bedevaarders die de zwarte God van Hoboken bezochten, lieten er ex voto’s achter als dank voor een genezing, voor het vervullen van een kinderwens of om een geslaagde vaart. De ex voto’s worden samen met het boek van de in 1652 opgerichte Broederschap van het Kruis tentoongesteld.” (fc)

 

Lees meteen verder

Ik ben nog geen abonnee

Krijg 1 maand toegang
voor €5
OF

Word abonnee
voor €41
tot eind 2019

Registreer je hier