‘Openheid voor verandering groeit waar je het niet verwacht’

Klapstoel
Koen Vanhoutte
Hulpbisschop Vlaams-Brabant/Mechelen

Op 2 september wordt Koen Vanhoutte (60) in Mechelen tot bisschop gewijd. Anderhalve maand woont hij daar nu, tijd die hij niet gebruikte om te broeden op een groots plan, wel om alle dekens en zijn stafmedewerkers te ontmoeten. „Ik gaf graag les en studeerde veel, maar het echte leven is de pastoraal”, zegt hij. „Dat is mijn kloppende hart.”

Koen Vanhouttes voorkeur voor het concrete kerkwerk weerspiegelt zich in zijn appreciatie voor de huidige paus. Hij noemt Franciscus een echte paus-herder. „Er stonden grootse theologen aan het hoofd van de Kerk en dat was ook fantastisch. Mij maakt het echter erg blij dat Franciscus zowel het evangelie en de theologie als het leven kent en dat hij onderzoekt hoe beide in gesprek met elkaar kunnen blijven.”

Koen Vanhoutte: „Ik ben geen eenzaat die op kop loopt. Je moet mensen vertrouwen geven.” © Frank Bahnmüller
Koen Vanhoutte: „Ik ben geen eenzaat die op kop loopt. Je moet mensen vertrouwen geven.” © Frank Bahnmüller

– Met mgr. Bonny en u komen twee van de zes Vlaamse bisschoppen uit het West-Vlaamse Moere. Wat zit daar in het drinkwater?
Moere was in mijn kinderjaren een dorp met 1.300 inwoners, een pastoor, een klooster en katholieke onderwijzers. Zonder dat het geloof veel ter sprake kwam, was het mijn leefwereld. Het was in zekere zin de enige manier om te kijken naar het leven. De omwenteling van mei 1968 bestond in Moere niet. Ook op het college van Gistel hield die wereld stand. Na drie jaar stapte ik echter over naar het college in Oostende. Dat was een andere wereld. We hadden er hooguit twee schoolvieringen per jaar en van de klasgenoten ging amper iemand ter kerke. Mijn roeping wortelt deels in die merkwaardige wissel van wereldbeelden. Het geloof kon toch niet verdwijnen?
Ik herinner me ook de overtuigde inzet van een aantal parochiepriesters. Zij brachten mensen naar het ziekenhuis of trommelden ons op om mee bieten te rooien toen het te nat was en de boeren niet konden uitrijden, in 1975. Net zo vind ik vandaag inspiratie bij de parochiepriesters van nu en de manier waarop zij hun roeping beleven. Ik wil hen zorgvuldig beluisteren, want het kerkelijke leven speelt zich af op het veld en niet in bureaus. Ik ben geen eenzaat die vooroploopt, geen tovenaar met kant-en-klare oplossingen en plannen. Uiteraard zal ik mee de bakens uitzetten. Daar ben ik niet bang voor, zolang beslissingen gedragen zijn.
– Kunt u zich voorstellen dat u in de toekomst een vicariaat met amper priesters leidt?
Naast de priesterkandidaten die zich nu en hopelijk ook in de toekomst aanmelden, zie ik toch nog mogelijkheden. Enerzijds komen priesters van elders hierheen. Ik zeg niet dat dat dé oplossing is, maar het is een realiteit waarmee we moeten leren omgaan. Anderzijds hebben we degelijk opgeleide leken nodig die een grote verantwoordelijkheid kunnen dragen en de kern vormen van een anderssoortige roepingenpastoraal. We mogen de vrijwilligers niet aan hun lot overlaten. Ik hoop op een groeiende groep coördinatoren voor pastorale zones, betaalde leken dus.
– Hoe begeleidt u gelovigen die kampen met heimwee naar „Het kerkelijke leven speelt zich allereerst af op het veld, niet in bureaus” wat was naar het nieuwe?
Mijn ervaring is dat je veel schade aanricht als je dingen probeert te forceren. In Brugge, waar ik vicaris was, zochten we altijd naar een geschikt tempo voor veranderingen en lieten we die organisch gebeuren. Een openheid voor verandering groeit soms waar je het niet verwacht.
Uiteraard moet je ook niet zitten afwachten. Je moet toekomstgericht werken, niet enkel op het vlak van structuren. Het hertekenen van kaarten is op zich niet zo moeilijk. De grootste uitdaging is evangelisatie. Hoe kunnen we vandaag het evangelie voorleven en overbrengen? Daar bestaan brochures, encyclieken en teksten over, maar hoe doe je dat concreet? De mensen in het pastorale veld hebben de handen vol en soms ontbreken tijd en creativiteit. Misschien moeten we enkele mensen vrijstellen om met vallen en opstaan dingen uit te proberen, los van de dagelijkse pastoraal. Tot nu toe kwamen we niet verder dan aanzetten en pogingen. Die moeten we niet meteen beoordelen op resultaat, maar ruimte geven.
– Welk maatschappelijk onrecht stuit u persoonlijk tegen de borst?
Het wringt dat er in onze rijke samenleving nog zoveel mensen worstelen met armoede. Het baart me zorgen dat mensen die het goed hebben, zo weinig bereid zijn te delen. In de Middellandse Zee pikt de Aquarius vluchtelingen op, maar dat schip mag nergens aanmeren. Hoe kan het dat de spontane reactie niet langer is mensen in nood bij te staan? Iedereen heeft een uitvlucht en uiteraard is de situatie complex, maar zonder die basisreflex, die ook de kern is van het evangelie en de christelijke God, redden we het niet.
– In theorie zult u vijftien jaar bisschop zijn. Wat wilt u verwezenlijken en op welke kerkhervorming hoopt u?
Voor de Kerk hoop ik dat ze erin slaagt de hervormingen uit het verleden door te voeren. Een deel van het Tweede Vaticaans Concilie, zoals het gemeenschappelijke priesterschap, het besef dat iedere christen een zending heeft, moet nog steeds voort in de praktijk worden gebracht. Voorts wens ik gewoon dat er hier ook over vijftien jaar nog altijd christenen zullen zijn die elkaar vinden en die iets uitstralen in de buitenwereld.

Lees meteen verder

Ik ben nog geen abonnee

Krijg 1 maand toegang
voor €5
OF

Word abonnee
voor €12
tot eind 2018

Registreer je hier